10-06-2013
Dat het thema van de dit jaar opnieuw door de Culturele Raad Papendrecht georganiseerde gedichtenwedstrijd tot vele interpretaties kan leiden bleek woensdagavond 29 mei. In een van de zalen van de bibliotheek lieten de drie prijzenwinnaars hun pennenvruchten vlinderen, nadat zij zich thuis hadden laten inspireren door het devies van ‘De koning en ik’.
Zo knipoogde de een met een haiku naar de wisseling der seizoenen, de ander met een vormvast vers naar de innerlijke tweespalt en weer een ander met een vrij vers naar de lokroep van blond bier. Weer bleek dat bij het maken van gedichten de sleutelwoorden originaliteit en diversiteit ook in onze regio leidend zijn. In een causerie over de ins en outs van de poëzie stipuleerde de plaatselijke poëet Hans Verzijl o.a. dat de inzenders de liefde voor de taal gemeen hebben en op goed niveau weten te presteren. Het trio winnende gedichten voorzag hij van een lovende annotatie, waarna hij juryvoorzitter Piet Kaptein de waardebonnen liet uitreiken.
De derde prijs was voor Cor Snoek, de tweede voor Paul Ritchi, de eerste voor MarjaVerschoor-Meijers, allen uit Papendrecht. Toen zij hun verzen lieten horen werd heel manifest dat gevoelens ook een uitweg vinden als men de pen op papier zet. Voor de gelegenheid had de winnares van 2013, Marja Verschoor-Meijers, een fles en een glas van het Belgische bier De Koninck meegenomen. Met die attributen voor zich op tafel zei zij haar vers Ontkroond: ‘Met rechte rug en opgeheven hoofd / staart hij me uitdagend aan / van onder blinkend goud / laat ik me eens verleiden / Met zachte hand ontkroon ik hem / het verfrissend blond / kust mijn lippen / De Koninck en ik’. Als op 21 juni het nieuwe koningspaar in de provincie zijn opwachting komt maken, weet het in ieder geval dat het in onze contreien goed zit met de moedertaal.
In de nazit werd een pleidooi gehouden voor het continueren van dit dichterlijk item in wellicht een iets andere opzet.